Circulaire economie in Rotterdam: we staan aan het begin

Circulaire economie in Rotterdam: we staan aan het begin
library

Nederland circulair!, Deltalinqs, Rotterdam Climate Initiative en Port of Rotterdam verzorgden tijdens de Week van de Circulaire Economie een sessie in een van de economisch meest dynamisch gebieden van Nederland: het havenindustrieel complex Rotterdam. Hoe kunnen ondernemers/gemeente versnellen naar een circulaire economie? Een verslag van de dag.

In 2010 was het begrip circulaire economie praktisch onbekend. Inmiddels weet 38% van de bedrijven ongeveer wat het inhoudt. Toch staan we aan het begin van de transitie naar een circulaire economie, constateerde Freek van Eijk, dagvoorzitter bij de Deltalinqs-bijeenkomst in het WPC op 18 januari. Wie heeft de sleutel?

Niet minder, maar beter

Een circulair businessmodel is niet gebaseerd op minder maar op beter, want een maximale positieve impact is het doel. Een bekend voorbeeld is het bedrijf  Desso, dat in een teruglopende economie niet afwachtte, maar vanuit circulair denken zijn omzet op peil wist te houden. Het omdenken naar circulair ondernemen vraagt om re-design van het businessmodel: wat is de werkelijke service die we bieden met de producten die we leveren? Hoe kunnen we daarmee de klantrelatie versterken en verlengen? Schiphol neemt bij Philips inmiddels licht af als service, in plaats van lampen als product.

Assets benutten

De toegang tot grondstoffen verzekeren is de belangrijkste reden waarom een circulaire supply chain essentieel is. Want verbranden betekent dat we de materialen reduceren tot afval en ze vervolgens kwijt zijn. Opvallend is dat de aandacht voor het voorkomen, dan wel het benutten van reststromen en restwarmte bij bedrijven significant toeneemt.

Bij de term ‘waste’ denken we aan afval, maar het gaat ook om de niet benutte capaciteit. Zo wordt in een lineaire economie een auto maar 8% van de tijd gebruikt. Circulaire ondernemers ontwikkelen met allerlei vormen van autodelen een disruptief aanbod. De prijsvechters in de luchtvaart deden hetzelfde, hoe hard de bestaande maatschappijen deze ontwikkeling ook ontkenden.

Nieuwe verbanden leggen

Om voor te sorteren op de groei binnen een circulaire economie moeten we nieuwe verbanden leggen. Dat kan ook in de industrie. Als fossiele productie niet meer verantwoord is, ligt het niet voor de hand om bestaande kapitaalintensieve assets te sluiten, maar om die geschikt te maken voor een werkelijk volhoudbare toekomst. Zo kunnen we raffinaderijen en energiecentrales inzetten voor biobased productie en nieuwe processen uit hernieuwbare energie, zoals schone waterstof voor mobiliteit en grondstoffen. Ook oude olieplatforms kunnen een nieuwe toepassing krijgen. CO2 uit productieprocessen kunnen we afvangen en omzetten in producten.

Deeleconomie

De circulaire inzet van materialen kost elke keer weer energie, maar dat is geen probleem als de energie in principe hernieuwbaar is. Omdat recyclen achteraan in de keten zit, wordt in een circulaire economie meer gekeken naar de ontwerpfase: hoe makkelijk zijn de materialen terug te winnen?

De principes van de deeleconomie zoals bij Uber en Airbnb zijn ook toepasbaar op kapitaalintensieve installaties en transportmiddelen in haven en industrie, zoals kranen en vorkheftrucks. Waarom niet? Bedrijven hebben met name de functie van apparatuur nodig, niet de apparatuur zelf.
Kansen voor circulaire businessmodellen

Een ander voorbeeld is de verlenging van de levensduur. Renault maakt van 120 kapotte motoren honderd stuks die met garantie in de markt worden teruggezet. Het bedrijf Ioniqa kan uit PET-flessen, verpakkingen en kunststoffen de grondstof polyester terugwinnen, die producenten vervolgens eindeloos kunnen hergebruiken. De eerste grote internationale klanten hebben zich inmiddels gemeld. Uit afvalwater is struviet (fosfaat) terug te winnen, een stof waaraan een tekort dreigt te ontstaan. Kortom, er zijn kansen om met circulaire businessmodellen kosten te besparen en waarde te creëren.

Economische uitdaging

Ook uit de presentatie van Bart van der Velpen (RHDHV) bleek dat circulaire productie niet zozeer een technische uitdaging is, als wel een economische. Het klassieke businessmodel denkt vooral in termen van leveranciers met volumes en gebruikers, die zo weinig mogelijk materiaal willen aanschaffen. Maar een bedrijf dat circulair wil gaan werken, denkt in termen van performance: hoe kan ik de gebruiker helpen bij het minimaliseren van het gebruik van het materiaal, maar met dezelfde functionaliteit.

Geen kilo’s, maar resultaat

De leverancier met een circulair businessmodel denkt niet in volume (daar wordt hij toch niet voor betaald), maar hij denkt vooral in de functionaliteit van zijn levering. Samenwerking tussen leverancier en afnemer is nodig om de kennis daarvoor te delen. Ook de wederzijdse verantwoordelijkheden zullen veranderen. De uitdaging zit ‘m vooral in de verandering van mentaliteit die daarvoor nodig is en in aanpassingen van de wetgeving bij hergebruik van reststromen.

Het voorbeeld van een Vlaamse zwavelzuurproducent, die zijn product leverde aan een producent die daarmee chloor droogde, is representatief voor andere industriële clusters. Bij dat droogproces bleef verdund zwavelzuur over als restproduct. Dat wordt niet meer geloosd, maar geleverd aan de leverancier die de stroom kan bewerken tot opnieuw te leveren zwavelzuur. In deze businesscase wordt de leverancier betaald per ton gedroogd chloorgas bij zijn klant in plaats van per ton geleverde ton zwavelzuur.

Neem haven en industrieel bedrijfsleven mee

Onderzoeker Peter Luscuere van TU Delft is nauw betrokken bij de Roadmap Next Economy voor de Metropoolregio Den Haag-Rotterdam. Concrete projecten voor de circulaire economie vanuit het haven en industrieel bedrijfsleven missen daar nog, geeft hij aan. Alle reden om bij te praten, want er staan inmiddels belangrijke circulaire projecten op stapel, zoals CCU, waarbij CO2 als grondstof dient.

De presentaties en pitches van de bijeenkomst van 18 januari 2017 in het WPC: Wie heeft de sleutel? vind je hieronder:
Circulaire Businessmodellen – Freek van Eijk
Circulair ondernemen – Douwe Jan Joustra
Take back chemicals – Bart van der Velpen
Circulaire economie - Pitches

Meer informatie: Inez Postema, Deltalinqs-projectleider Circulaire Economie – verwaarding reststromen, tel. 06 - 54 73 53 91.

Read more
There are no matches yet. Match to this library

Do you want to comment on this library item?